Ga je naar Toscane op vakantie? Veel Nederlanders gaan dan ook een dagje naar Volterra. Dit Toscaanse stadje ligt bovenop een heuvel en wordt omringd door eeuwenoude stadsmuren en glooiende groene heuvels. Volterra was vroeger een van de belangrijkste steden van de Etrusken, en die nalatenschap zie je hier op elke hoek van de straat terug. Van oude Romeinse theaters tot middeleeuwse paleizen en geheime albast-ateliers: Volterra heeft zo veel leuke plekjes dat je echt een hele dag nodig hebt om alles te ontdekken.
Volterra wordt wel steeds populairder. Gelukkig kan je hier echt nog wel rustig rondlopen door de steegjes, een kijkje nemen in de musea en vooral heel veel genieten van het uitzicht over de Toscaanse heuvels.
Welk hotspots mag jij niet missen? Onze tips voor Volterra
- Voor cultuurliefhebbers: Begin bij het Museo Etrusco Guarnacci om de fascinerende Etruskische collectie te zien, loop daarna door naar de Pinacoteca voor Toscaanse schilderkunst en eindig bij Alab’arte om te zien hoe de oude albasttraditie nog steeds wordt voortgezet.
- Gratis of goedkoop: Je kunt in Volterra echt een hele dag rondlopen zonder veel geld uit te geven. De Porta all’Arco, alle kerken (zoals de Duomo en San Francesco), het Punto Panoramico en de wandeling naar de Balze kliffen kosten helemaal niks. Het Teatro Romano kun je gratis van bovenaf bewonderen. Voor de musea en paleizen betaal je ongeveer 8-10 euro per stuk, maar als je de Volterra Pass koopt krijg je korting op alle bezienswaardigheden.
- Uitzichtpunten: Bezoek het Punto Panoramico voor het beste uitzicht over de stad en de Toscaanse heuvels, vooral tijdens de zonsondergang rond het golden hour. Maak daarna een wandeling naar de Balze kliffen (ongeveer 20 minuten lopen). Ook het Romeinse theater is het mooist om van bovenaf te bekijken in de zon.
Teatro Romano
Aan de rand van Volterra ligt een gigantisch Romeins theater dat waarschijnlijk uit de eerste eeuw voor Christus komt. Het theater was gebouwd tegen een helling aan en bood plaats aan zo’n tweeduizend mensen. Het bijzondere verhaal is dat dit theater eeuwenlang volledig bedolven was onder de grond. In 1951 wilde de gemeente hier een voetbalveld aanleggen, maar ze stuitten op deze archeologische schat. Het theater is vergeleken met andere Romeinse theaters in Italië nog redelijk intact, dus je ziet echt nog de oude trappen, het podium en de ondergrondse gangen. Aan het theater grenzen ook nog ruïnes van Romeinse thermen uit de derde of vierde eeuw na Christus. Het mooiste uitzicht op het theater heb je vanaf bovenaf, vanaf de weg die langs de rand van de stad loopt.

Museo Etrusco Guarnacci
Dit museum heeft een van de grootste collecties Etruskische kunst van heel Europa en is echt een aanrader als je ook maar een beetje interesse hebt in geschiedenis. Je ziet hier honderden urnen waarin de as van overleden Etrusken bewaard werd, allemaal rijkelijk versierd met sculpturen. Het gekke is dat je letterlijk oog in oog staat met de gezichten van mensen die duizenden jaren geleden in Toscane leefden. Het echte topstuk is de ‘Ombra della Sera’ (Schaduw van de Avond), een uitgerekt bronzen beeldje uit de derde eeuw voor Christus met een surrealistische stijl die je in die tijd bijna nooit zag. De naam kreeg het beeldje van dichter Gabriele d’Annunzio, omdat het lijkt op een lange schaduw in de avondzon. Het museum heeft 26 zalen, dus je kunt hier rustig een uurtje of anderhalf rondbanjeren.

Palazzo dei Priori
Het Palazzo dei Priori is het oudste stadhuis van heel Toscane en stamt uit de dertiende eeuw. Het gebouw staat trots op het Piazza dei Priori, midden in het centrum, en was zelfs de inspiratiebron voor het beroemde Palazzo Vecchio in Florence. Je kunt vanbinnen de oude zalen bekijken met prachtige negentiende-eeuwse muurschilderingen, maar het allermooist is de klokkentoren. Het is een steile en smalle klim naar boven, maar eenmaal daar heb je een waanzinnig mooi uitzicht over Volterra en de omringende Toscaanse heuvels. Op heldere dagen zie je zelfs de zee liggen. Let bij het gebouw ook even op de kleine details: er zit een ‘canna volterrana’ in de muur, een lengtemaat die in de middeleeuwen gebruikt werd.

Porta all’Arco
De Porta all’Arco is de enige Etruskische toegangspoort die de tand des tijds heeft overleefd en dateert uit de vierde of vijfde eeuw voor Christus. Bovenaan de poort zie je vaag drie hoofden, waarschijnlijk de Etruskische oppergoden Zeus, Castor en Pollux. De hoofden zijn behoorlijk aangetast door de wind en weer, maar het is best bijzonder om te bedenken dat deze poort al eeuwen voor de Romeinen hier stond. Een gaaf verhaal: in 1944 wilde het Duitse leger de poort opblazen tijdens de Tweede Wereldoorlog, maar de inwoners vulden de poort helemaal op met straatstenen zodat de explosie geen schade kon aanrichten. Aan de andere kant van de poort heb je trouwens een mooi uitzicht op de groene Cecina-vallei.

Duomo di Volterra
De kathedraal van Volterra ziet er van buiten misschien wat somber en kaal uit, maar dat komt door geldgebrek tijdens de bouw in de twaalfde en dertiende eeuw. De pracht en praal zit namelijk helemaal aan de binnenkant. Binnen vind je marmeren zuilen, gebeeldhouwde panelen en een polychrome beeldengroep met de Kruisafname van Christus uit de dertiende eeuw, een van de best bewaarde houten beelden met dit thema. De preekstoel toont een prachtig reliëf van het Laatste Avondmaal en er zijn diverse zijaltaren met schilderijen. Het is echt een grote verrassing als je naar binnen loopt, want de buitenkant deed niks vermoeden. De kathedraal ligt aan het Piazza San Giovanni, samen met het baptisterium, dus je kunt ze makkelijk combineren.

Battistero di San Giovanni
Vlak naast de kathedraal staat het baptisterium van San Giovanni met zijn opvallende rode koepel. Het voorportaal en de gevel met de witte en zwarte marmeren strepen dateren uit de dertiende eeuw, de koepel is uit de zestiende eeuw. Het interieur is redelijk eenvoudig vergeleken met andere doopkapellen in Toscane, maar er staat wel een mooi doopvont uit 1757 met een beeld van Johannes de Doper. Het doopvont is gebeeldhouwd in wit marmer uit Carrara door kunstenaar Giovanni Vacca. Het gebouw is vooral van buitenaf indrukwekkend met die kenmerkende zwart-witte strepen die je ook bij andere Toscaanse kerken terugziet. Je hebt maar een paar minuten nodig om het te bewonderen, maar als je toch op het plein bent is het zonde om het over te slaan.

Pinacoteca Museo Civico
In het Palazzo Minucci Solaini, een paleis uit de renaissance, zitten eigenlijk drie musea in één: het Stedelijk Museum van Volterra, een schilderijmuseum en een museum over albast. Het pareltje van de expositie is de Kruisafneming uit 1521 van Rosso Fiorentino, een kleurrijk altaarstuk dat echt de moeite waard is. Verder hangen er werken van bekende Toscaanse schilders als Luca Signorelli, Ghirlandaio en Taddeo di Bartolo. Het museum richt zich vooral op religieuze kunst en altaarstukken, dus als je van die typische Toscaanse schilderkunst houdt moet je hier zeker even binnenlopen. In het albastmuseum ontdek je de geschiedenis van het ambacht van albast bewerken, dat al duizenden jaren in Volterra wordt gedaan.

Alab’arte
Midden in het centrum van Volterra, achterin een steegje, ligt een van de leukste verborgen plekjes voor kunstliefhebbers: Alab’arte. In deze kunststudio maken Roberto Chiti en Giorgio Finazzo kunstwerken van albaststeen, een bijna transparant witte steensoort die al duizenden jaren gebruikt wordt. De Etrusken gebruikten de steen bijvoorbeeld om urnen te maken. Roberto en Giorgio zijn allebei meesterbeeldhouwers die de albastkunst in stand houden – tijdens de middeleeuwen werd het ambacht bijna vergeten. Tegenwoordig zijn er nog maar weinig experts over, wat een bezoekje aan hun studio extra bijzonder maakt. Je kunt gewoon binnenlopen, rondkijken tussen de schitterende creaties (en stof) en zien hoe ze aan het werk zijn. Ze vertellen je graag iets over hun ambacht en de geschiedenis van albast in Volterra.

Fortezza Medicea
Het fort van de Medici zie je al van ver staan als je Volterra nadert en het domineert het stadsbeeld. Het werd in twee verschillende tijden gebouwd: het oudste gedeelte dateert uit halverwege de veertiende eeuw en toen Florence de macht kreeg over Volterra liet de Medici-dynastie tussen 1474 en 1492 het tweede deel optrekken. Het kasteel kreeg al vrij snel de functie van gevangenis en die functie heeft het tot op de dag van vandaag nog steeds. Dat betekent helaas dat je het fort niet vanbinnen kunt bekijken, want het is nog steeds in gebruik als moderne gevangenis. Vanuit de verte is het wel een indrukwekkend gezicht en het laat mooi zien hoe machtig de Medici-familie was. Een deel van het fort is nog in restauratie.
Acropoli Etrusca en Cisterna Romana
De oude Akropolis van de Etrusken is iets minder spektakulair dan het Romeinse theater, maar echte geschiedenisfans willen deze plek niet missen. Je vindt hier archeologische opgravingen van de acropoli van de oude Etruskische stad, met restanten van twee Etruskische tempels die in 1926 werden ontdekt. Vlak naast de Akropolis ligt de Cisterna Romana, een Romeinse waterkelder die diep in de grond zit. De Romeinen bouwden deze cisterne om het regenwater van Volterra op te vangen en op te slaan. Als het waterpeil niet te hoog staat kun je met een smalle trap naar beneden afdalen om de oude constructie vanbinnen te bekijken. Het is best gaaf om zo’n oud Romeins bouwwerk te zien. Beide plekken liggen in het Parco Archeologico Enrico Fiumi, het grootste park van de stad.

San Francesco
De Kerk van San Francesco ligt midden in de stad en dateert uit de dertiende eeuw. Van buiten ziet de eenvoudige stenen kerk er niet zo speciaal uit, maar de binnenkant is echt de moeite waard. Rechts van het altaar, in de Cappella Santa Croce, vind je een serie kleurrijke fresco’s die opvallend goed bewaard zijn gebleven. Ze zijn zó mooi dat je maar om je heen blijft kijken en naar het plafond blijft turen om alle details in je op te nemen. Je krijgt er bijna pijn in je nek van. Ook mooi zijn de marmeren monumenten voor leden van de aristocratische familie van graven Guidi, die beschermheren van de orde waren. De kerk is vrij snel te bezoeken, maar als je toch in de buurt bent is het zonde om het over te slaan.
Punto Panoramico
Voor het allermooiste uitzicht over Volterra wandel je naar Punto Panoramico aan het Piazza Martiri della Libertà. Hier liggen ook het busstation en een aantal gezellige terrasjes waar je even kunt uitrusten. Vanaf het wandelpad heb je een waanzinnig mooi zicht over de koepel en toren van Volterra, en natuurlijk de typisch Toscaanse heuvels eromheen. Het is vooral tijdens het golden hour onwijs gaaf hier, als het dansende licht van de zonsondergang het landschap laat lijken op een echt schilderij. Er zijn meer plekken aan de rand van de stad waar je mooie uitzichten hebt, maar dit is wel het bekendste en makkelijkst te bereiken panoramapunt. Trek er even de tijd voor en neem een koffie op een van de terrassen.

Palazzo Incontri Viti
Het Palazzo Incontri Viti heeft een van de mooiste gevels van Volterra uit het begin van de zestiende eeuw. De gevel is meer dan veertig meter lang, maar door de smalle straat is het best lastig om de schoonheid helemaal te bewonderen. Op de benedenverdieping is een klein theater ingericht. Als je het palazzo vanbinnen bezoekt dwaal je door schitterende stijlkamers vol antieke meubels, kostbaar servies en prachtige schilderijen. Overal zie je oude familiefoto’s hangen, waardoor het echt lijkt alsof je bij de rijke familie Viti op bezoek bent. Een deel van het paleis wordt nog steeds bewoond door nazaten van de familie. Het decor was zo mooi dat filmregisseur Luchino Visconti hier een van zijn films heeft opgenomen. Het is een van de weinige paleizen in Volterra die je echt vanbinnen kunt bezoeken.

Le Balze kliffen
De Balze zijn een bijzonder geologisch fenomeen net buiten Volterra: enorme ruige rotsen en kloven die zijn ontstaan door langdurige bodemerosie. Wanneer regenwater over de zwakke lagen van het oppervlak stroomt, schuiven de onderliggende kleilagen weg. In de loop der jaren zijn er zelfs kerken, kloosters en straten weggespoeld. Het contrast tussen de lieflijk glooiende Toscaanse heuvels en deze ruige ravijnen is echt spectaculair om te zien. Je vindt de Balze als je vanuit de Porta San Francesco in westelijke richting loopt, over de Borgo San Giusto naar de Via della Frana. Na een wandeling van ongeveer twintig minuten heb je een mooi uitzicht op de Badia, een elfde-eeuwse abdij die wordt omringd door de kliffen. Het is even een flinke klim om terug te komen, maar het is echt de moeite waard.
Bekijk andere blogs over deze regio
FAQ: veelgestelde vragen
Het centrum van Volterra is autovrij, maar er zijn verschillende parkeerplaatsen aan de rand. De handigste is Parcheggio Porta Fiorentina, vlak bij het Teatro Romano. Als die vol zit kun je naar Parcheggio Vallebona aan de andere kant van de stad. Let op: je moet meestal vooraf betalen voor het aantal uur dat je denkt te blijven. Kom vroeg (voor 10:00 uur) voor de beste plekken, want het kan best druk worden.
Voor de belangrijkste bezienswaardigheden heb je minstens een halve dag nodig, maar eigenlijk is een hele dag ideaal. Dan kun je rustig de musea bezoeken, het centrum verkennen, de toren beklimmen en ook nog een wandeling maken naar de Balze kliffen. Als je alle musea grondig wilt zien kun je zelfs twee dagen kwijt zijn, maar de meeste mensen doen Volterra in een dag.
Ja, zeker! Kinderen vinden het Romeinse theater vaak heel gaaf, vooral als je uitlegt dat hier tweeduizend mensen naar voorstellingen kwamen kijken. Het Museo Etrusco Guarnacci met al die oude urnen en het bijzondere bronzen beeldje is ook interessant. In het Parco Archeologico Enrico Fiumi is een speeltuin. Let wel op: Volterra ligt op een heuvel met veel trappen en steile straatjes, dus met een buggy is het niet altijd makkelijk.
Zeker! Volterra ligt op ongeveer een half uur rijden van San Gimignano, dus die twee zijn perfect te combineren als dagtrip. Vanaf Pisa of Florence ben je er in ongeveer een uur, vanuit Siena in anderhalf uur. Als je een rondreis door Toscane maakt kun je Volterra makkelijk meenemen tussen de andere highlights door.
De lente (april-mei) en vroege herfst (september-oktober) zijn ideaal. Dan zijn de temperaturen lekker, het Toscaanse landschap is mooi groen (in de lente) en het is niet te druk met toeristen. In het hoogseizoen (juli-augustus) kan het behoorlijk heet worden en zijn er meer bezoekers. Probeer de middaghitte te vermijden en kom liever ’s ochtends vroeg of later in de middag. Volterra ligt vrij hoog, dus er staat vaak een lekker briesje.









