Sorrento ligt op een klif van 47 meter hoog aan de Golf van Napels. Vanuit Sorrento kan je de Vesuvius zien liggen! Het stadje is een van de mooiste kuststeden van Zuid-Italië. Het is ook nog eens het perfecte vertrekpunt voor trips naar Capri, Pompeii en de rest van de Amalfikust. Maar Sorrento zelf is ook superleuk om te bezoeken. Smalle straatjes geurend naar citroenen, een authentieke vissershaven, een middeleeuws klooster met een prachtige binnentuin, een kloof midden in de stad… het is echt de moeite waard. Tijdens onze trip langs de Amalfikust verbleven we een paar dagen op een camping in Sorrento. In deze blog lees je onze 12 tips!
Welk hotspots mag jij niet missen?
- Mooiste foto’s: Il Vallone dei Mulini, Chiostro di San Francesco (bogen, klimop en oranje licht), Marina Grande (kleurrijke boten en pastelhuizen), Sedile Dominova (de majolicakoepel en fresco’s in een smal steegje).
- Beste uitzicht: Villa Comunale is echt een aanrader: ga vlak voor zonsondergang voor het mooiste licht over de Vesuvius. Bagni della Regina Giovanna biedt ook een mooi uitzicht, maar dan vanuit het water omhoog naar de kliffen.
- Bij warm weer (verkoeling): Bagni della Regina Giovanna om te zwemmen, Marina Grande voor een schaduwrijk terras aan het water, Via San Cesareo voor een Limoncello Spritz in de schaduw van de palazzi.
- Bij slecht weer of in de middaghitte: Museo Correale di Terranova (24 kamers, makkelijk twee uur kwijt), Duomo di Sorrento (gratis, koel en prachtig interieur), Chiostro di San Francesco (de overdekte kloostergang biedt beschutting).
Bekijk populaire hotels in Italië
Piazza Tasso
Piazza Tasso is het kloppende hart van Sorrento en het plein waar alles begint. Het is vernoemd naar de in de stad geboren dichter Torquato Tasso (16e eeuw), en zijn standbeeld kijkt nog steeds toe over de drukte. Overdag hoor je het geroezemoes van scooters en marktkramers, ’s avonds vullen de terrassen zich en spelen straatmuzikanten. Vanaf dit plein vertrekken koetsritten en wandelroutes door het historische centrum. Aan de ene kant lopen de smalle straatjes van de oude stad, aan de andere kant de brede Corso Italia. Piazza Tasso is ook het plein dat letterlijk gebouwd is boven de Vallone dei Mulini – de kloof met de molenruïnes die je zo dadelijk tegenkomt.

Chiostro di San Francesco
Naast de Villa Comunale vind je een van de mooiste plekken van Sorrento: de kloostertuin van San Francesco. De kerk dateert uit de 14e eeuw en is gebouwd op de resten van een 7e-eeuws klooster. Het gebouw zelf ziet er van buiten eenvoudig uit – witte gevel, niks spectaculairs – maar de binnentuin is echt waanzinnig mooi. De tuin wordt omringd door bogen in gotische stijl met Arabische en Romeinse invloeden, er slingert klimop langs de muren en er staan sinaasappelbomen. Toegang is gratis en het is een rustige, sfeervolle plek waar je even op adem kunt komen. Geen wonder dat hier regelmatig bruiloften en klassieke concerten plaatsvinden.

Villa Comunale
Villa Comunale is het mooiste stadspark van Sorrento en ook de beste plek voor een zonsondergang. Het park ligt bovenop de kliffen en biedt een panoramisch uitzicht over de hele Golf van Napels: de Vesuvius aan de ene kant, de eilanden Procida en Ischia in de verte. Schaduwrijke wandelpaden, bloembedden en bankjes nodigen uit om even te zitten. ’s Avonds rond zonsondergang staat het panoramaterras vol met mensen – en dat snap je meteen als je er staat. Via een trap of lift (1 euro) daal je af naar Marina Piccola aan de voet van de kliffen. Tip: ga net voor zonsondergang, want dan is het licht het allermooist over de Vesuvius.

Il Vallone dei Mulini
Midden in Sorrento, letterlijk achter de Piazza Tasso, bevindt zich een kloof die zo’n 35.000 jaar geleden is ontstaan door een vulkanische uitbarsting. Onderin zie je de ruïnes van een oude molen – in gebruik tot de jaren veertig van de vorige eeuw – die inmiddels volledig is overwoekerd door mossen, varens en planten. Het ziet er bijna sprookjesachtig uit. Je kunt er niet helemaal bij komen, maar vanuit de Via Fuorimura heb je een perfect uitzicht op dit bijzondere stukje natuur en geschiedenis midden in de stad. Vijf minuten lopen van het centrale plein en toch het gevoel dat je iets ontdekt hebt wat de meeste toeristen voorbijlopen.
Bekijk hier ook onze blog met de mooiste plekjes van Salerno!
Duomo di Sorrento
De kathedraal van Sorrento – officieel de Cattedrale dei Santi Filippo e Giacomo – dateert oorspronkelijk uit de 11e eeuw, maar werd in de 15e eeuw grotendeels herbouwd in romaanse stijl. De klokkentoren springt meteen in het oog: de basis bestaat uit een mix van antieke stammen, zuilen en marmer, en het bovenste deel is bekleed met kleurrijke majolicategels. Van buiten is het niet het meest opvallende gebouw, maar binnen vind je prachtige fresco’s op de gewelfde plafonds, marmeren altaren uit de 16e eeuw en houtsnijwerk van lokale ambachtslieden. Op het plafond hangt onder andere het tafereel ‘De Martelaren van Sorrento’. Toegang is gratis.

Marina Grande
Marina Grande is de oude vissershaven van Sorrento en een van de leukste plekken van de stad. De naam is een beetje misleidend – het is in werkelijkheid een intieme, rustige baai. Kleurrijke huizen, houten vissersboten en een paar familiegerunde trattoria’s direct aan het water: dit is hoe Sorrento er vroeger altijd uitzag. Verse vis wordt er dag in dag uit geserveerd; probeer de spaghetti alle vongole. ’s Ochtends vroeg is het bijzonder mooi als de vangst van de nacht ervoor wordt binnengebracht. ’s Avonds is het een gezellige plek met verlichting, terrassen en uitzicht over de zee richting de Vesuvius. Vanuit het centrum loop je er in een kwartiertje naartoe.

Sedile Dominova
De Sedile Dominova aan de Via San Cesareo is een van de meest bijzondere en weinig bekende plekken van Sorrento. Het gebouw dateert uit de 14e/15e eeuw en is de laatste overgebleven nobele vergaderplaats in de hele regio Campanië. Vroeger kwamen hier de adellijke families van Sorrento samen om politieke beslissingen te nemen. De structuur is een open portaal met een elegante koepel van majolicategels en prachtig bewaarde fresco’s op de wanden. De schilderingen dateren uit de 18e eeuw en tonen taferelen die de macht van de adel weerspiegelen. Het is gratis te bezoeken. Ga even met je rug tegen de zijmuur staan en bekijk de gevel rustig – je ziet dan pas hoe gedetailleerd de decoraties zijn.
Bagni della Regina Giovanna
Op zo’n twintig minuten lopen van het stadscentrum – over een landweg door olijfboomgaarden – ligt een van de mooiste zwemplekken van Sorrento. De Bagni della Regina Giovanna is een natuurlijk zwembad omringd door kalkstenen kliffen en de ruïnes van een oude Romeinse villa. Het turquoise water is helder en verbonden met de zee via een smalle opening tussen de rotsen. Volgens de legende baadde koningin Giovanna d’Angiò hier in het geheim met haar minnaars. In de zomermaanden kan het druk worden, dus ga dan vroeg. Naast zwemmen is het gewoon een waanzinnig mooie plek om te zitten, te picknicken en te genieten van het uitzicht over de Golf van Napels.
Via San Cesareo
Via San Cesareo is de voetgangersstraat die parallel loopt aan de Corso Italia en verreweg de gezelligste winkelstraat van Sorrento. Het is er toeristisch – dat moet je weten – maar op een heel sfeervolle manier. Aan weerszijden staan palazzi in barokstijl met monumentale poorten, en daartussen winkeltjes vol kleurrijke citroenen, handgemaakte keramiek, lokaal leer en limoncello in alle soorten en maten. Op de hoek op nummer 70 vind je de Sedile Dominova (zie hierboven), en even verderop de fotogenieke klokkentoren van de Chiesa dei Servi di Maria. Gewoon lekker doorheen slenteren, een Limoncello Spritz pakken op een terrasje en in de zijstraatjes kijken wat je tegenkomt – dat is eigenlijk het beste plan.

Basilica di Sant’Antonino
De Basilica di Sant’Antonino staat op de Piazza Sant’Antonino in het centrum van Sorrento en is gewijd aan de beschermheilige van de stad, Antoninus. De kerk werd gebouwd in de 11e eeuw en heeft door de eeuwen heen een mix van romaanse en barokke stijlen gekregen. Binnen vind je marmeren altaren, schilderijen en een opvallende verzameling votieven: schilderijtjes en objecten die door vissers zijn geschonken als dank voor redding op zee. In de crypte onder het altaar berusten de botten van de heilige zelf, en pelgrims branden er nog steeds kaarsen. Elk jaar op 14 februari – de feestdag van Sint-Antonius – trekt er een optocht door de straten van Sorrento langs het plein.

Museo Correale di Terranova
Het Museo Correale di Terranova wordt door kenners weleens het mooiste provinciale museum van Italië genoemd. Het zit in een elegante villa aan de rand van het centrum, met tuin en uitzicht over de zee. Binnen verdeeld over 24 kamers zie je schilderijen uit de 17e en 18e eeuw (onder andere werk van Van Dyck), een uitgebreide porseleincollectie van de belangrijkste Europese fabrikanten, Murano-glas, zeldzame tafelklokken, antieke meubels en majolicakeramiek. De kamers zijn ingericht als sfeervolle woonvertrekken van een aristocratisch herenhuis, wat het rondlopen erg aangenaam maakt. Je bent er in anderhalf tot twee uur doorheen. Zeker de moeite als je even weg wilt van de hitte buiten of gewoon houdt van kunst en interieurs.

Limoncello proeverij bij een citroengaard
Sorrento staat bekend als de bakermat van de limoncello, en dat ga je overal in de stad terugzien. Maar een bezoek aan een echte citroengaard is toch een stap leuker dan een flesje kopen in een souvenirwinkel. I Giardini di Cataldo is de bekendste boerderij in de omgeving: je loopt er door de geurige citroenboomgaarden – de citroenen hangen hier in trossen aan de bomen en zijn groot als vuisten – en leert hoe de likeur traditioneel wordt gemaakt. Daarna proef je uiteraard de ambachtelijke limoncello, samen met huisgemaakte lekkernijen. Sommige boerderijen bieden ook kookworkshops aan. Een authentieke manier om iets over het dagelijks leven in deze regio te leren.

Bekijk andere blogs over vakantie in Italië
FAQ: veelgestelde vragen
Verrassend veel wel. Chiostro di San Francesco, Sedile Dominova, de Duomo en Villa Comunale zijn allemaal gratis te bezoeken. Voor het Museo Correale betaal je entreegeld. Bagni della Regina Giovanna is gewoon natuur – geen toegangspoort, geen kaartje, gewoon lopen en springen.
Zo’n 20 minuten lopen over een landweg door olijfboomgaarden, of je kunt er met de bus naartoe. In de zomermaanden is het ’s ochtends vroeg aanmerkelijk rustiger dan in de middag – wie slim is, gaat voor 10 uur.
Voor het grootste deel wel. Piazza Tasso, Via San Cesareo, Chiostro di San Francesco, Duomo, Sedile Dominova en Vallone dei Mulini liggen allemaal op een paar minuten lopen van elkaar. Het lastigste is het hoogteverschil tussen het centrum en de havens – daarvoor is de stadslift (1 euro) een uitkomst.
‘S avonds na 20:00 uur, want dan is het historisch centrum grotendeels autovrij. Het plein loopt dan vol met flanerende locals en toeristen, terrassen gaan open en de sfeer is op z’n best. Overdag is het er drukker en heter – niet erg, maar ’s avonds is het gewoon een stuk aangenamer slenteren.
Nee, de kloof zelf is niet toegankelijk. Maar dat maakt het eigenlijk juist mooi – vanaf de Via Fuorimura kijk je recht omlaag op de overwoekerde molenruïnes, wat een veel specialer beeld geeft dan wanneer je er gewoon tussendoor zou lopen.















































































