Umbrië ontdekken? Ontdek de mooiste bezienswaardigheden en plekken

Bekijk de beste deals bij onze partners

vakanties bij corendon

Umbrië is een vrij onbekende regio in Italië. Deze regio ligt vlak naast het bekende Toscane, maar trekt véél minder toeristen. En dat terwijl het landschap er net zo groen en glooiend is, de wijngaarden er net zo verleidelijk uitzien en de middeleeuwse steden er minstens net zo goed zijn. Niet voor niets noemen ze Umbrië het ‘groene hart van Italië’. Zelf was ik hier in 2024 op vakantie en ik vond het echt een heerlijk rustig, groen en authentiek stukje Italië waar ik zeker nog eens weer naar terugga.

De regio heeft echt van alles: oude pelgrimssteden, ondergrondse waterputten, wilde bergvlaktes en een culinaire traditie met zwarte truffels, Sagrantino-wijn en versgebakken vleeswaren. In deze blog vind je 12 mooiste plekken van Umbrië!

Welk hotspots mag jij niet missen? Onze tips:

  • Kunstliefhebbers: Ga naar Assisi voor de Giotto’s in de Basilica di San Francesco, naar Spello voor de Annunciatie van Pinturicchio, naar Montefalco voor de Gozzoli-cyclus uit 1452 en naar Orvieto voor de Cappella di San Brizio
  • Actief in de natuur: Piano Grande en de Monti Sibillini voor wandelaars en bergliefhebbers, Lago Trasimeno voor zwemmen, fietsen en varen, en de Cascata delle Marmore!
  • Met kinderen: Gubbio is superleuk: je kunt in de kabelbaan naar boven en een “gekkendiploma” halen bij de fontein. Lago Trasimeno is ook ergl euk met een veerboottrip naar het eiland.
  • Rustige plekjes: Ga naar Rasiglia (waterkanalen, vrijwel niemand), Narni Sotterranea (underground middeleeuwen), Gubbio (verrassend rustig voor zo’n stad) en Spello (één van de mooiste dorpjes van Umbrië, en lang niet zo druk als Assisi).

ReisorganisatieInformatieAanbiedingen
vakantiediscounter logoGrootste aanbod   Bekijken  
prijsvrij logoScherpe deals  Bekijken  
d-reizen logoVoordelige hotels  Bekijken  
Sunweb logoHeerlijke zonvakanties  Bekijken  
ReisorganisatieInformatieAanbiedingen
corendon logoPremium resorts  Bekijken  
tui logo100% kindvriendelijk  Bekijken  
corendon logoVeel zonbestemmingen  Bekijken  
vakantie.nl logoVeelzijdig aanbod  Bekijken  


Assisi

Assisi is echt mijn favoriete stad in Umbrië! De geboortestad van Sint Franciscus (bekend van Dierendag) ligt trapsgewijs tegen de flanken van de Monte Subasio en het silhouet – met de basiliek aan het ene uiteinde en fort Rocca Maggiore aan het andere. De Basilica di San Francesco is onmisbaar: de kerk heeft een boven- en benedenkerk, gebouwd over het graf van Franciscus zelf, en de fresco’s van Giotto in de bovenkerk gelden als een hoogtepunt van de Italiaanse kunstgeschiedenis. Ronddwalen door de smalle middeleeuwse steegjes geeft overal doorkijkjes over het dal beneden. Op het centrale Piazza del Comune staat ook nog de Tempel van Minerva, die dateert uit de eerste eeuw voor Christus.

Zoek je een leuke plek om te verblijven in Umbrië? Zie ook: 10 toffe kleinschalige hotels en appartementen in Umbrië

Perugia

De hoofdstad van Umbrië is een bruisende universiteitsstad die over meerdere heuvels boven de Tibervallei ligt. Parkeer onderaan en neem de roltrappen via het historische Rocca Paolina-fort omhoog – ze brengen je recht naar het hart van de stad. Op het Piazza IV Novembre staan de gotische kathedraal San Lorenzo en de Fontana Maggiore uit 1278. In het Palazzo dei Priori zit de Galleria Nazionale dell’Umbria met werken van Perugino en Pintoricchio. Bekijk ook zeker de Arco Etrusco: een stadspoort uit de derde eeuw voor Christus met bovenop een 16e-eeuws renaissancehuis. Architectuur uit vier tijdperken in één bouwwerk – en dat kom je in Perugia op elke straathoek tegen.

Orvieto

Hoog op een plateau van vulkanisch tufsteen ligt Orvieto, al van kilometers ver zichtbaar. De gotische Duomo di Orvieto is het absolute icoon: de bouw begon in 1290 en duurde driehonderd jaar, en de gevel is bekleed met goudkleurige mozaïeken en gedetailleerd beeldhouwwerk. Binnen is de Cappella di San Brizio een absolute aanrader, met fresco’s van Luca Signorelli die door sommigen worden beschouwd als de voorloper van de Sixtijnse Kapel. Maar ook onder de stad is Orvieto gaaf: daal af in de Pozzo di San Patrizio, een 63 meter diepe waterput uit de 16e eeuw met twee wenteltrappen die ooit werden aangelegd voor ezelkarren met watervaten. Daarna een glas witte Orvieto Classico – verdiend.

Spoleto

Spoleto is een van de mooiste heuvelsteden van Umbrië en heeft dat zelf niet eens zo door. Het beroemdste monument is de Ponte delle Torri: een aquaduct uit de 13e eeuw gebouwd op Romeinse funderingen, 230 meter lang en 76 meter hoog, dat een diepe vallei tussen twee heuvels overspant. Een van de indrukwekkendste middeleeuwse constructies van heel Italië. De romaanse Duomo di Santa Maria Assunta heeft acht rozetten in de gevel en fresco’s van Filippo Lippi in het koor – hij stierf vlak voor de voltooiing in 1469 en ligt hier ook begraven. Ondergronds kom je ook nog het Teatro Romano en de Basilica di San Salvatore tegen, een vroegchristelijke kerk uit de 4e en 5e eeuw op de UNESCO-lijst.

Gubbio

Gubbio is een van de best bewaarde middeleeuwse steden van Italië. En wat mij meteen opviel: wij waren hier midden in de zomer maar het was er totaal niet druk of toeristisch. De stad is tegen de steile hellingen van de Monte Ingino “geplakt”, met gele kalkstenen huizen en daken van terracotta. Het centrale Piazza Grande ligt op 520 meter hoogte en kijkt aan één zijde uit over de stad en het achterland. Bezoek ook de Fontana del Bargello, bijgenaamd ‘de fontein der gekken’: drie rondjes rennen en een nat hoofd opleveren resulteert in een officieel gekkendiploma (de Patente dei Matti). Liever omhoogkijken? Neem de funivia – een open, schommelende kabelbaan – naar de bovenkant van de Monte Ingino voor een prachtig uitzicht over de stad.

Spello

Spello is het bloemenstadje van Umbrië en de bewoners nemen die reputatie serieus. De stad heeft prachtig bewaarde Romeinse stadspoorten – de Porta Consolare en de Porta Venere – en binnendoor openbaart het zich als een aaneenschakeling van steile straatjes vol bloembakken, potten en hangplanten. In de Santa Maria Maggiore uit de 12e eeuw zijn fresco’s van Pinturicchio te vinden in de Cappella Baglioni, waaronder een Annunciatie die geldt als een van zijn meest gedetailleerde meesterwerken. Elk jaar in het tweede weekend na Pinksteren vindt de Infiorata plaats: heel Spello wordt dan omgetoverd tot een kunstwerk van bloementapijten langs de straten – het kleurrijkste evenement van Umbrië.

Montefalco

Montefalco wordt ‘het balkon van Umbrië’ genoemd en dat klopt precies: het ommuurde stadje torent hoog boven de wijngaarden uit en biedt in alle richtingen uitzicht over glooiende valleien. De Sagrantino di Montefalco is de bekendste wijn – een krachtige rode die alleen in dit kleine gebied wordt gemaakt, te proeven in de wijnkelders rond het Piazza del Comune. In de voormalige San Francesco-kerk, nu een museum, hangen fresco’s van Benozzo Gozzoli uit 1452 naast werken van Perugino. De Sant’Agostino-kerk heeft nog een extra verrassing: achter glas ligt het gemummificeerde lichaam van een middeleeuwse pelgrim. Een van de vreemdste en meest memorabele dingen die je in Umbrië tegenkomt.

Lago Trasimeno

Het Trasimeno-meer is het grootste meer van Midden-Italië en het perfecte tegenwicht na een dag middeleeuwse steden. Rondom liggen stranden, fietsroutes en idyllische dorpjes, waarvan Castiglione del Lago de mooiste is: een heuvelstadje met een kasteel dat letterlijk boven het strand uitsteekt. De echte highlight is de veerboottrip naar Isola Maggiore – het eiland heeft nog geen twintig inwoners, maar een San Michele-kerkje met 15e-eeuwse fresco’s en een standbeeld van Sint Franciscus, die hier regelmatig verbleef om te mediteren. Langs de kade bij Tuoro sul Trasimeno vind je ook nog Campo del Sole: een beeldentuin met 27 zandsteen zuilsculpturen van internationale kunstenaars. In de zomer warmt het meer op tot 26 graden.

Cascata delle Marmore

De Cascata delle Marmore is de hoogste kunstmatige waterval van Europa: 165 meter, verdeeld over drie treden, aangelegd door de Romeinen in de derde eeuw voor Christus om de Velino-rivier weg te leiden uit de Rieti-vallei. Van veraf verraadt een mistwolk al dat je er bijna bent. Rondom de waterval lopen wandelroutes naar meerdere uitkijkpunten, waarvan het Balcone degli Innamorati het spectaculairst is – bereikbaar via een 50 meter lange tunnel door de rots. Let op: de waterval staat niet altijd aan en wordt twee tot drie keer per dag in werking gesteld. Het verschil tussen aan en uit is enorm, dus check de tijden van tevoren.

Piano Grande en de Monti Sibillini

Wie in het voorjaar in Umbrië is, moet naar de Piano Grande. Deze enorme bergvlakte op 1.450 meter hoogte kleurt tussen eind mei en half juli in knalrood, blauwpaars en geel door wilde klaprozen, korenbloemen en linzenbloemen – over een oppervlakte van 20 vierkante kilometer. Het nabijgelegen Castelluccio di Norcia is het hoogstgelegen dorp van de Apennijnen. Het Nationaal Park Monti Sibillini is ook buiten de bloeitijd de moeite waard: wandelpaden voor alle niveaus, bergkamroutes naar toppen van meer dan 2.300 meter en in het park leven nog wolven, steenarenden en valken. Ga vanuit het dorp naar beneden voor het mooiste panoramische uitzicht over de hele vlakte.

Narni

Narni is het geografische middelpunt van Italië – bij de oude Ponte Cardona vind je het officiële markering voor het centro geografico. De echte reden om naar dit middeleeuwse stadje te komen is Narni Sotterranea: in 1979 ontdekten speleologen hier een verborgen wereld onder de stad. Via een rondleiding wurm je je door de gangen van het Romeinse Formina-aquaduct uit 27 na Christus, soms waadend door water. In een middeleeuwse gevangeniscel zijn graffiti van vroegere gevangenen nog duidelijk zichtbaar en een 13e-eeuwse kapel heeft vervaagde fresco’s in het steen. Boven grond is de romaanse Duomo uit de 12e eeuw ook de moeite waard. C.S. Lewis vernoemde zijn fantasieland Narnia trouwens naar dit dorp.

Rasiglia

Rasiglia is een van de leukste ontdekkingen van Umbrië. Dit piepkleine dorp op 15 kilometer van Foligno staat bekend als het ‘Venetië van Umbrië’ vanwege de kleine kanalen en beekjes die tussen de stenen huizen door stromen. Het water komt van drie natuurlijke bronnen in de omgeving en dreef vroeger watermolens en textielmolens aan – verschillende oude werkplaatsen zijn nog steeds zichtbaar, waaronder een wolspinnerij en een graanmolen. Het middeleeuwse centrum heeft de tijd ogenschijnlijk stilgezet: smalle stenen straatjes, lage poortjes en het geluid van klaterend water overal. Vrijwel geen toeristen, geen drukte. Ideaal als langzame tussenstop tijdens een rondreis door Umbrië.


Bekijk andere blogs over vakantie in Italië


FAQ: veelgestelde vragen

Staat de Cascata delle Marmore altijd aan?

Nee, en dat is een belangrijke: de waterval wordt gereguleerd en gaat maar twee à drie keer per dag aan, gewoonlijk rond 12:00-13:00 en 16:00-17:00 uur. In het hoogseizoen en op feestdagen zijn er extra beurten. Check de actuele tijden van tevoren op de website van Cascata delle Marmore – het verschil tussen aan en uit is enorm, dus plan je bezoek hier echt omheen.

Wanneer is de bloei op de Piano Grande op z’n mooist?

Reken op eind mei tot half juli, afhankelijk van hoe het weer dat jaar was. Begin juni is statistisch de beste gok: dan bloeit de vlakte tegelijk met klaprozen, korenbloemen en linzenbloemen. Ga ’s ochtends vroeg of vlak voor zonsondergang – dan is het licht het mooist en het parkeerterrein bij Castelluccio het minst vol.

Heb je echt een auto nodig in Umbrië?

Ja, die heb je zeker nodig. Perugia, Assisi, Orvieto en Spoleto zijn per trein te bereiken, maar voor Gubbio, Montefalco, de Piano Grande, Narni, Rasiglia en de Cascata delle Marmore kom je zonder auto simpelweg niet. Huur er één bij het vliegveld van Perugia zodra je landt – de wegen door het heuvellandschap zijn trouwens ook een groot deel van de beleving.

Is de funivia in Gubbio geschikt voor kinderen en voor mensen met hoogtevrees?

Dat ligt eraan hoe gevoelig je bent. Het is geen gewone cabine maar een open kooi van metaaldraad waarbij je staand omhoog schommelt – kinderen vinden dat vaak fantastisch, mensen met hoogtevrees minder. De rit duurt zo’n vijf minuten en stijgt ruim driehonderd meter. Geen hoogtevrees? Doen. Beetje twijfelachtig? Wandel dan naar beneden, de afdaling langs de berg is ook mooi.

Welk seizoen is het beste voor een rondreis door Umbrië?

Mei en juni zijn ideaal: aangenaam warm (20-25 graden), de vlaktes en heuvels zijn groen en in bloei en er zijn nog geen overvolle parkeerterreinen. September en oktober werken ook goed – de wijndruiven worden geoogst en de sfeer in de dorpjes is die maanden extra gezellig. Zomer (juli-augustus) is warm tot heet, zeker in de steden, maar de festivals maken dat deels goed. Winters zijn rustig en fris maar de meeste dorpjes draaien gewoon door.